George Washington, de eerste president van de Verenigde Staten, was een grote afnemer. Ook van Winston Churchill en Napoleon was geweten dat ze verlekkerd waren op madeirawijnen. Vandaag heeft madeirawijn opnieuw de weg gevonden naar de tafel, met grote dank aan sommeliers en chefs die de brede gastronomische inzetbaarheid van de wijn weten te appreciëren.

Situering en klimaat

Het eiland Madeira, met een oppervlakte van 740 km2, ligt op 1100 km van het moederland Portugal en 600 km van Afrika. Het klimaat is subtropisch en de temperatuur schommelt tussen 16 en 22°C. De ondergrond is vulkanisch en bevat een hoge zuurtegraad. De bodems zijn zeer vruchtbaar. Door de hoge zuurtegraad zijn ze ideaal om er druiven op te verbouwen om madeirawijn te maken.

Ontstaan van de madeirawijn

Toen de Oost-Indische route ontstond in de 15de eeuw, werden vaten wijn meegenomen op de schepen als ballast, maar ook als middel tegen scheurbuik. De metamorfose die de wijn onderging in deze lange reizen over de evenaar, vooral door het opwarmen en afkoelen van de vaten, zorgde voor een ‘verbetering’ van de wijn. Zo werden vaten die terugkwamen van deze route bijzonder populair (returned wine). Later begreep men dat de combinatie van temperatuurschommeling en oxidatie de reden was van deze positieve evolutie in de wijn.

Wat is madeira?

Madeira is een gemuteerde wijn, wat wil zeggen dat tijdens het omzetten van suikers naar alcohol (en CO2) men de alcoholische gisting gaat stopzetten door toevoeging van zuivere wijnalcohol. Naargelang de drogere of zoetere stijl die men wil bekomen, kan deze handeling vroeg (na één dag voor de Malvasia) tot later (volle week voor Sercial) gebeuren. Hoe langer men wacht, hoe minder suiker er overschiet. Tot hiertoe hebben we ongeveer hetzelfde procedé als bij port. Het grote verschil zit hem in de ‘opvoeding’. De vaten worden naar warme zolderkamers gebracht waar ze gedurende een jarenlang proces grote temperatuurverschillen ondergaan, warm overdag, fris tijdens de nacht. Deze manier van verouderen laat toe de zuren te ontwikkelen die eigen zijn aan madeirawijn, met steeds een combinatie van zoet en zuur, wat maakt dat de wijn nooit zwaar overkomt.

Naargelang de druif die wordt gebruikt, kan madeira variëren van droog tot zoet, van goudgeel tot bruin. Door de enorme elegantie van de wijn kunt u hem perfect combineren met verschillende gerechten. Het best voelt hij zich thuis met kaas of dessert. Door de aanwezigheid van de zuren zult u steeds het gevoel hebben dat de suikers worden meegenomen door de elegante afdronk, wat het mogelijk maakt uw diner verder te zetten met rode wijn of andere combinaties.

De grote diversiteit van smaken is nog indrukwekkender als u weet dat madeira gerust tot 2 eeuwen oud kan worden. Zolang hij op het vat blijft liggen, blijft de wijn verder concentreren en krijgt hij elk jaar meer intensiteit en kracht door oxidatie. Door het voortdurende contact met zuurstof bekomt men een product dat, eens geopend, in de fles jarenlang goed blijft omdat de wijn terugkeert naar zijn natuurlijke habitat, namelijk in contact met zuurstof.

Druiven en stijlen

In principe kan men met elke druif een droge of een zoete madeira maken, het hangt gewoon af wanneer men de gisting stopt. Uiteindelijk werd dit met een wetgeving geregeld en zijn de zoetheidniveaus vastgelegd per druif. De diversiteit van de druiven op het gebied van aanplant is een groot probleem, omdat de witte variëteiten serieus in de minderheid zijn, terwijl hiermee de beste wijnen gemaakt worden. Het is dus een ware strijd geworden tussen de producenten om aan de ‘nobele’ druiven te geraken, vooral Sercial en Verdelho. Het gevolg is dat de producenten liever geen 5 jaar oude Sercial en Verdelho wensen te verkopen, maar verkiezen om ze verder te laten rijpen tot een minimum van 10 jaar vóór ze van de vaten te halen.

Variëteiten

Er worden tot 9 verschillende druiven gebruikt voor madeira, maar 99% van de productie geschiedt met de 5 volgende druivenrassen: Sercial, Verdelho, Boal, Malvasia en Tinta Negra Mole.

Sercial is de droogste stijl, met wijngaarden in het noorden en het zuiden van het eiland. De topwijngaard is Jardim da Serra, maar de meeste druiven komen van het noorden, op grote hoogte, met een totaal van 17 hectaren in aanplant. Sercial heeft een grote portie zuren en vraagt op zijn best een lange vatlagering.

Verdelho is de druif waarmee halfdroge wijnen worden gemaakt. De druif komt vooral uit het zuiden, maar ook uit São Vicente in het noorden. De algemene aanplant is ongeveer 46 hectaren over heel het eiland. De druif is zeer aromatisch en frivool en heeft een groot potentieel aan zuren.

Boal, ook wel geschreven als Bual, zorgt voor een halfzoete wijn. De meeste wijngaarden zijn te vinden in Calheta en Câmara de Lobos met ongeveer 18 hectaren aanplant. Het is één van de gemakkelijkste druiven, omdat de zoetheid de wijn toegankelijker maakt.

Malvasia is de zoetste van allemaal en is vooral te vinden in Santana en São Jorge, in het noorden, met 36 hectaren aanplant. Het is zonder meer de meest weelderige druif, met een mooie balans tussen zoet en zuur.

Tinta Negra Mole is de absolute heerser op het eiland. Ongeveer 80% van de totale aanplant is Tinta Negra Mole. Men kan deze druif overal op het eiland vinden, maar de meeste wijngaarden zijn terug te vinden in het noorden. Ze wordt vooral gebruikt om basismadeira te produceren. Enkele producenten maken echter prachtige wijnen met deze ondergewaardeerde druif. Een positieve evolutie voor de toekomst, aangezien er veel meer productie is in deze variëteit. Tinta Negra Mole kan men van droog tot zoet vinifiëren.